Wie brengt de jonge gezinnen in de kerk?

In allerlei bladen staan op dit moment artikelen die de vraag proberen te beantwoorden hoe je jongeren en jonge gezinnen weer de kerkbank in krijgt of hoe je ze daar houdt. Op dit moment circuleert er zowel een Engels als Nederlands artikel op internet over de vraag “welke predikant kan helpen om jonge gezinnen in de kerk te brengen”.
Alexander Veerman schrijft: ‘Soms tref je een artikel die gedachten en gevoelens verwoordt die al langere tijd met je meegaan, maar wat je nog niet scherp hebt gekregen.’ Dat was precies wat ik ook dacht toen ik het Engelse artikel las van Jan Edminston “When churches want a pastor who can bring in young families”. Ik deel de strekking van deze artikelen graag met je.

Zonder jonge gezinnen moet de kerk sluiten!

Veel gemeentes
willen graag jonge gezinnen als onderdeel van de geloofsgemeenschap. Veelgehoorde
redenen zijn dat zonder jongeren de kerk straks moet sluiten, zij het werk
moeten overnemen van de ouderen die dit niet meer willen of kunnen doen of dat
de oudere leden weer energie krijgen van de kinderen.

Alleen al deze
redenen maken dat de gemeenschap minder aantrekkelijk wordt. Jongeren en jonge
gezinnen worden op deze manier ingezet als behoeftebevrediging van de
gemeenschap en krijgen de last van het moeten zorgen voor het voortbestaan van
de gemeente op hun schouders gelegd.

‘Jonge gezinnen
zijn in bovengenoemde opvatting niet interessant om wie ze zelf zijn en wat ze
zelf meebrengen, maar als redding van de gemeente.’

Wat is kerk zijn?

Jan Edminston breekt een lans voor de daadwerkelijke bedoeling van een geloofsgemeenschap. Het gaat niet specifiek om jonge gezinnen of aantrekkelijk te zijn voor allerlei andere doelgroepen. De meeste predikanten en kerkelijk (jeugd)werkers falen dan ook in het “binnenbrengen van jonge gezinnen”. ‘Waar gemeenten in zwaar weer écht behoefte aan hebben, zijn voorgangers die gebroken en gebutste mensen naar een thuis kunnen leiden. Gemeenten in deze tijd hebben behoefte aan voorgangers die de geloofsgemeenschap kunnen verbinden aan de culturele context. Daar waar de geloofsgemeenschap met beide benen in de culturele context staat, waar de boodschap gaat over het leven van alledag en de gemeente diaconaal present is, zijn jonge mensen aanwezig en betrokken.

Het is van
belang om goed te kijken naar de reden waarom geloofsgemeenschappen zich
richten op jonge gezinnen. Zou het niet uitmaken als we juist jongeren en
jongvolwassenen willen helpen en ondersteunen om in een tijd waarin veel
gebeurt, tijd en ruimte te blijven maken voor de ziel? Zou het niet een
verschil maken als geloofsgemeenschappen zich zouden afvragen wat zij van deze
jonge mensen kunnen leren? Of dat de gemeente verbondenheid, geloof en hoop te delen
heeft?’

10 manieren om
betrokken te zijn

De schrijver
noemt 10 manieren waarop we als kerk daadwerkelijk betrokken kunnen zijn op
jonge gezinnen. We kunnen …

  1. echt zijn. Het benoemen van en omgaan met echte problemen in kerkdiensten,
    Bijbelkringen, gesprekken en gebeden.
  2. luisteren naar de zorgen van ouders en die van kinderen
  3. vragen hoe we voor hen kunnen bidden en dit ook daadwerkelijk doen
  4. toestaan of zelfs aanmoedigen dat het rommeltje wordt
  5. nagaan hoe onze gezichtsuitdrukking is. Grijnzen we als er een baby huilt?
    Fronsen we al een kind in zijn sportkleding binnenkomt?
  6. de gedachte loslaten dat iedereen kerk moet zijn op de manier zoals we
    altijd al kerk waren
  7. ouders, grootouders en alle volwassenen toerusten voor de geloofsopvoeding
    van kinderen en jongeren
  8. kinderen niet als entertainment gebruiken, hoe schattig ze ook kunnen zijn
  9. ouders rust gunnen door ze te helpen met de kinderen
  10. ouders rust gunnen door het gemakkelijk te maken om deel te nemen aan de
    gemeenschap en alles wat niet noodzakelijk is niet te doen

En dus…

… kun je met
bovenstaande gedachten misschien wel zeggen dat het ok is om geen jonge
gezinnen in de kerk te hebben. Het geeft ontspanning om dat ook te mogen
zeggen. Daarmee wordt de last van de schouders van de jonge gezinnen gehaald én
die van alle gemeenteleden. Een last die daar ook helemaal niet hoort. Is het
niet de Heer Zelf die zorgt voor Zijn kerk?

Hoe waar en
waardevol de dingen ook zijn die in verschillende bladen genoemd worden om jongeren
en jonge gezinnen te betrekken bij de kerk, laten we niet doorschieten in de
angst dat de kerk zal verdwijnen als er geen jongeren zijn. De kerk als
geloofsgemeenschap zal voortbestaan (in wat voor vorm dan ook), omdat het een
gemeenschap is rondom de Heer Zelf. Angst is daarom niet nodig, achteloos
achterover leunen evenmin. Laten we ons voordeel doen met alle tips uit de bladen,
maar beginnen bij het uitgangspunt van de kerk zijn en bij de Heer die het
fundament is van onze kerk.

(Diverse quotes in dit artikel zijn afkomstig van Alexander Veerman. Een deel van de overige tekst is afkomstig van Jan Edminston.)